woensdag 25 april 2007

Softe sector, harde euro's

Wanneer we het hebben over de economie, het bedrijfsleven, concurrentie, NMA, jaarbonus, stuwende werkgelegenheid en raad van commissarissen, dan hebben we het in de regel over bedrijven in de zakelijke dienstverlening, de industrie, de bouw, energie, en ICT. Daar probeert men het onderste uit de kan te halen om zo de concurrent voor te zijn, worden strategische investeringen / overnamen gedaan, of, iets negatiever, daar heerst zelfverrijking, wordt gebruik gemaakt van bedrijfsspionage en gebruiken ze bepaalde commissarissen om het negatieve beeld naar buiten toe bij te stellen.



Allemaal waar (in meer of mindere mate), maar het is wel een markt die voor de buitenwereld transparant is in zijn doelstelling, namelijk winst maken.


Daarnaast hebben we de zogeheten softe sector, ookwel sociale sector, de zorgsector of (negatiever) de geitenwollensokkensector genoemd. Deze sector roept bij ons allen direct een stukje sympatie op. Er wordt voor mensen gezorgd, er is altijd een sociale doelstelling of sociale component aanwezig en er heerst een vorm van maatschapppelijke verantwoordelijkheid. Winst is in deze sector een woord wat in principe niet gebruikt wordt (naar buiten toe) en zeker geen doel op zich. Allemaal zaken waar ik vanuit mijn sociaal-maatschappelijke bril niet tegen ben!



Maar is dat in deze sector wel altijd de realiteit en kleven er geen nadelen aan het klakkeloos aannemen van deze maatschappelijk hogere doelen? Steeds vaker verbaas ik me over het gemak waarmee de S-sector aan contracten komt. Hier worden geen vragen gesteld als: hoe zit het met de concurrentie? is dit wel een marktconforme prijs? hoe zit het met de overhead en de interne kosten? blijft er niet te veel onnodig aan de strijkstok hangen?


Soms zijn bedrijven die in deze sector opereren afgesplitst van de overheid of hebben ze in hun presentatie naar buiten toe een sfeer van de overheid over zich. Dat zou de consument (afnemers) volgens mij op het verkeerde been kunnen zetten.

De marktwerking is door het vorige kabinet gestimuleerd met name in deze sector. Maar marktwerking betekent niet alleen dat de aanbieder commercieel gaat opereren, ook de afnemer (consument) moet weten hoe en waar hij/zij het beste product tegen de laagste kosten kan halen. Een mooi voorbeeld van deze wederzijdse marktwerking is de zorgverzekering. De verzekeraars waren gedwongen commercieel en de consument had voldoende informatie waar, bij wie en tegen welke prijs ze de zorg kunnen inkopen. De hoge kosten van de verzekeraars en de te lage dekking komt volgens mij niet door de lage premies maar door het onbeperkt naar de dokter kunnen en mogen gaan in dit nieuwe systeem. De huisartsten worden, zo heb ik begrepen, platgelopen door allemaal sociaal-psychologische hulpzoekende patienten (vaak alleenstaande ouderen)

Toch gaat het met open marktwerking in deze S-sector niet overal goed. Veel bedrijven die in die wat schemerachtige markt opereerden zijn een stuk commercieler geworden met behoud van een monopolistische markt. Kijk bijvoorbeeld naar "Stichtingen". Er zijn veel bedrijven die onder de naam stichting opereren. Een mooi voorbeeld zijn de "stichtingen" kinderopvang (vervangende ouderzorg, voorschools, naschools en zelfs tussenschools in de toekomst). In veel steden en dorpen in Nederland is er vaak maar 1 aanbieder. Maar laat u nu niet door het woord Stichting op het verkeerde been zetten. We hebben het hier over commerciele bedrijven die nagenoeg zonder concurrentie haar diensten aanbieden. Weet u wat naar mijn bescheiden mening het effect is van gebrekkige of geen concurrentie? Hoge interne kosten (vaak tot wel 50% teveel overhead), een matige service, wachttijden, gebrek aan vernieuwing en innovatie en in het ergste geval geen optimale kwaliteit.

Waar leidt dit toe? Dit leidt uiteindelijk tot minder geld in de beurs, ook wanneer het een door de overheid gesponsorde onderneming is betalen we het indirect via de belastingen!

Is de open markt dan zoveel beter? Natuurlijk kennen we allemaal de excessen in de open markt (van de harde sector), van prijsafspraken tot zelfverrijking en massaontslagen, we hebben het allemaal kunnen zien. Maar toch ben ik ervan overtuigd dat open marktwerking (ook in de S-sector) de enige mogelijkheid is om uiteindelijk de beste prijs-kwaliteitverhouding te krijgen. Er zijn alleen 2 zeer belangrijke voorwaarden: ten eerste moet er voldoende concurrerend aanbod zijn en ten tweede moet ook de consument voldoende kennis hebben van de open markt en moet weten waar hij/zij de beste aanbieding kan krijgen. Alleen dan kan het spel eerlijk en voordelig gespeeld worden. Waar let de overheid dan op? Wat mij betreft voornamelijk op kwaliteit en transparantie.


Volgende keer weer meer knipoog en minder 'au serieux' , salut!

Ton